Ga naar inhoud
typekute
Beginner

Letters

0/14
Beginner

Cijfers

0/6
Beginner

Hoofdletters en leestekens

0/28
Beginner

Integratie van de basis

0/3
Intermediate

Verhalen

0/10
Intermediate

Berichten

0/10
Intermediate

Informatie

0/10
Intermediate

Ritme

0/10
Advanced

Tempo

0/10
Advanced

Precisie

0/10
Advanced

Uithouding

0/10
Advanced

Overdracht

0/10

Blind typen leren, les voor les

Leer de toetsen kennen via het lespad en volg de aanwijzingen voor je vingers. Begin bij de eerste les of pak de voorgestelde les op als je al eerder bent begonnen.

Begin met blind typen leren

Een les stap voor stap uitvoeren

  1. Open de eerste of voorgestelde les in het lespad.
  2. Controleer QWERTY International en lees de huidige opdracht.
  3. Kies één beweging of tekstdetail om te observeren.
  4. Volg de toets- en vingeraanwijzingen terwijl je de hele opdracht uitvoert.
  5. Bekijk het lesresultaat en kies herhalen, toepassen of afzonderlijk meten.

Blind typen leren met een duidelijk lesdoel

Kies voor iedere les één aandachtspunt dat je kunt herkennen tijdens het typen. Dat kan de plaats van een toets zijn, de aangegeven vinger of het lezen van een hoofdletter voordat je begint. Een doel als ‘vandaag beter typen’ zegt weinig over wat je in de oefening gaat doen. Een doel als ‘niet raden wanneer deze toets verschijnt’ maakt je volgende handeling concreet.

Je hoeft daarvoor geen eigen cursus naast het lespad te ontwerpen. Volg de opdracht die er staat en gebruik je aandachtspunt om die opdracht zorgvuldiger uit te voeren. Als de les nieuwe toetsen introduceert, concentreer je dan op de aanwijzingen bij die toetsen. Als je een eerdere les opnieuw opent, kijk dan welk onderdeel nog onzeker voelt. Een herhaling is vooral bruikbaar wanneer je weet waar je op wilt letten.

Beginnen zonder je snelheid als eerste doel te nemen

Lees de opdracht voordat je typt. Kijk welke tekst je moet maken en welke toets- en vingeraanwijzingen daarbij worden getoond. Als je twijfelt, neem dan de tijd om de aanwijzing opnieuw te bekijken. Je hoeft een onduidelijke beweging niet met extra snelheid te compenseren; eerst weten wat de opdracht vraagt is een praktisch startpunt.

Een les en een test hebben verschillende taken. In de les volg je de aangeboden opbouw en werk je aan de beweging die wordt uitgelegd. Een typetest geeft een afzonderlijke meting bij gekozen instellingen. Je kunt beide gebruiken, maar je hoeft niet elk lesmoment om te vormen tot een poging om je hoogste WPM te halen.

Verdergaan na een onderbreking

Wanneer je terugkomt, lees je de huidige opdracht opnieuw. Het is mogelijk dat je de naam van de les herkent maar niet meer weet op welke toetsen je wilde letten. Gebruik de inhoud op het scherm om dat te bepalen. De voorgestelde les helpt je je plaats terug te vinden; je eigen waarneming helpt je besluiten of je eerst iets wilt herhalen.

Een illustratief voorbeeld: je hebt een les geopend waarin een toets voorkomt die je nog zoekt. Je besluit bij de volgende poging eerst de positie te herkennen en daarna de aangegeven beweging uit te voeren. Dat is een ander doel dan zo snel mogelijk dezelfde reeks typen. Beide gaan over typen, maar alleen het eerste richt je aandacht op de onzekerheid die je net hebt opgemerkt.

Van toets herkennen naar beweging uitvoeren

Maak onderscheid tussen een toets niet kunnen vinden en aarzelen bij een beweging waarvan je de plaats al kent. Bij het eerste probleem kijk je terug naar de positie en de aanwijzing. Bij het tweede lees je de opdracht en voer je de lastige beweging met een lager tempo uit. Daardoor kun je zien of je de tekst verkeerd leest, een andere toets kiest of pas tijdens de overgang begint te twijfelen.

De aanwijzingen horen bij de actieve toetsenbordindeling. Een schema dat je eerder voor een andere indeling hebt gezien, hoeft niet hetzelfde te beschrijven als de les die je nu doet. Volg daarom de informatie in de huidige oefening. Neem niet alleen een bekende beginpositie over zonder te controleren welke toetsen de opdracht werkelijk gebruikt.

Als je naar je toetsenbord blijft kijken

Let op het moment waarop je begint te zoeken. Gebeurt dat al zodra je de letter leest, of pas als je vinger moet bewegen? In het eerste geval is het nuttig de toetspositie opnieuw te bekijken. In het tweede geval kun je de beweging afzonderlijk aandacht geven binnen de opdracht. Beschrijf voor jezelf wat je zag, zodat een herhaling meer is dan dezelfde tekst nog een keer invoeren.

Je hoeft niet voor alle toetsen tegelijk een oplossing te vinden. Kies het onderdeel dat de huidige les behandelt en volg de aanwijzingen daar. Als een andere toets je ook opvalt, kun je die later in een bijpassende les bekijken. Zo blijft je lesdoel verbonden aan het materiaal dat je op dat moment voor je hebt.

QWERTY International en letters met accenten

Controleer je invoer voordat je de oefening beoordeelt. Deze Nederlandse editie gebruikt standaard QWERTY International. Bij letters met accenten kan de getoonde letter uit meerdere invoerhandelingen ontstaan. De tekst die je moet maken en de reeks toetsen waarmee je die tekst maakt, zijn daarom niet altijd hetzelfde aantal onderdelen.

Kijk naar de uiteindelijke letter op het scherm. Als een accent ontbreekt, vergelijk dan eerst de gevraagde letter met de gemaakte letter. Als de basisletter al anders is, heb je een andere situatie dan wanneer alleen het accent verschilt. Het eerste kan aanleiding zijn om de toetskeuze opnieuw te bekijken; het tweede vraagt aandacht voor de passende invoer van de samengestelde letter.

Je invoer tijdens een les gelijk houden

Als je juist de toetspositie wilt oefenen, houd je invoer dan gelijk gedurende die poging. Een verandering van instellingen kan een nieuwe onzekerheid toevoegen aan een beweging die je al kende. Wanneer je bewust een andere invoerinstelling wilt leren gebruiken, kun je dat als apart aandachtspunt nemen en de poging in die context lezen.

Een illustratief voorbeeld: de opdracht bevat een letter met een accent, maar je maakt een gewone letter. Kijk eerst of je de gevraagde letter hebt gelezen en of je invoerinstelling past. Ga niet meteen alle vingeraanwijzingen opnieuw uitvinden. De zichtbare afwijking helpt bepalen welk onderdeel je moet controleren, zonder dat je daar een algemene uitspraak over je typesnelheid van hoeft te maken.

Tekst en toetsaanslagen uit elkaar houden

Een samengestelde letter is een goede reden om niet iedere toetsdruk als een apart tekstteken te tellen. In een les gaat het erom de weergegeven opdracht uit te voeren. In de typetest worden teksteenheden volgens het invoerprofiel beoordeeld. De uitleg van WPM hoort bij die test en is geen methode om zelf het aantal sterren van een les te berekenen.

Je kunt dus dezelfde tekst leren typen en later een meting doen, terwijl je voor beide taken een andere vraag stelt. Tijdens de les vraag je waar de toets zit en welke beweging wordt aangegeven. Bij de test vraag je hoeveel tekst meetelt en hoe de tijd in de berekening wordt gebruikt. Houd die vragen gescheiden wanneer je besluit wat je volgende stap wordt.

Hoofdletters, spaties en leestekens zorgvuldig overnemen

Neem de tekst over zoals de opdracht hem toont. Een hoofdletter, spatie of leesteken kan gemakkelijk worden gemist wanneer je vooral op de letters van een woord let. Kijk daarom bij een afwijking niet alleen naar de laatste letter, maar ook naar het begin en de overgang naar het volgende deel. Het gaat om het maken van de gevraagde tekst, niet om het herschrijven naar je eigen stijl.

Wanneer je een hoofdletter overslaat

Bekijk waar in de opdracht een hoofdletter staat en neem dat onderdeel mee voordat je de letter invoert. Gebruik de passende handeling voor je toetsenbord en volg de lesaanwijzing. Als je steeds een kleine letter maakt, kan je doel voor de herhaling zijn om de hoofdletter eerder te herkennen. Meer snelheid is dan niet automatisch de oplossing voor het gemiste detail.

Wanneer er een spatie ontbreekt of te veel staat

Lees de grens tussen twee delen van de tekst. Een extra spatie of een ontbrekende spatie verandert de reeks die je overneemt. Je kunt je aandacht voor een herhaling richten op die overgang: eerst het einde van het huidige deel, daarna de scheiding en vervolgens het volgende deel. Dat is een concrete leeshandeling die bij de opdracht blijft.

Wanneer je een leesteken anders invoert

Vergelijk het teken op het scherm met het teken dat je hebt gemaakt. Kijk of je de opdracht verkeerd hebt gelezen of de toetskeuze moet controleren. Als je gewend bent leestekens in berichten weg te laten, volg dan toch de weergegeven tekst in de oefening. Deze manier van observeren is een hulpmiddel voor jezelf, geen belofte dat elk scherm afzonderlijke foutcategorieën toont.

Een lesresultaat gebruiken om een beslissing te nemen

Bekijk na de les niet alleen of je verder kunt, maar ook wat je tijdens het typen opmerkte. Als je de opdracht niet begreep, lees je de uitleg opnieuw. Als je een toetspositie nog zocht, herhaal je het betreffende onderdeel met dat als doel. Als je de bewegingen in langere tekst wilt gebruiken, kun je overstappen naar zinoefeningen.

De beoordeling en sterren van lessen hebben eigen regels. Een WPM-waarde uit Tests vertelt niet hoeveel sterren een willekeurige les moet krijgen. Je hoeft ook geen algemene grens voor alle lessen te verzinnen. Gebruik de informatie van de les zelf om de poging te lezen en kies vervolgens een actie die bij je waarneming past.

Je kunt een korte persoonlijke notitie maken, bijvoorbeeld welke toets je nog zocht of welk accent je wilde controleren. Schrijf die desgewenst in een eigen notitieboek. Een specifieke observatie geeft meer richting aan de volgende poging dan alleen ‘dit ging niet goed’. Je hoeft daarbij geen resultaat te voorspellen; de notitie beschrijft wat je wilt bekijken.

Een voorbeeld van een gerichte leersessie

Dit illustratieve voorbeeld laat zien hoe je een les en een volgende stap kunt verbinden. Open eerst de voorgestelde les en controleer QWERTY International. Lees de opdracht en kies één aandachtspunt, zoals een bepaalde toetsbeweging herkennen. Werk door de oefening en let op de aangeboden feedback.

Bekijk daarna het lesresultaat. Als je nog steeds niet weet waar de toets zit, keer je terug naar de aanwijzing. Als de opdracht duidelijk is maar je het bewegen wilt herhalen, doe je de les opnieuw met hetzelfde aandachtspunt. Als je wilt zien hoe je de beweging in zinnen gebruikt, ga je naar de Nederlandse typeoefeningen.

Een sessie hoeft geen vast aantal lessen of minuten te hebben om een duidelijk doel te krijgen. Kies een taak die je kunt volgen en besluit daarna of je wilt herhalen, toepassen of meten. Dat zijn verschillende vervolgstappen. Je hoeft niet door te gaan naar een test als de vraag die je nog hebt eigenlijk over de lesaanwijzing gaat.

Blind typen oefenen na je les

Gebruik de Nederlandse typeoefeningen wanneer je de geleerde beweging in doorlopende zinnen wilt toepassen. De planner kiest zinnen en toetsoefeningen; na een voltooide zin ga je verder met de volgende. Neem een aandachtspunt uit je les mee, zodat je weet waar je op wilt letten in de tekst.

Een fout in de oefenstroom betekent niet dat de volgende zin precies dezelfde toets zal behandelen. Kijk naar de feedback en blijf de huidige opdracht volgen. Als je eerst uitleg over de toetspositie nodig hebt, is het lespad een passende plek om terug te keren. Zinnen oefenen en een beweging leren vullen elkaar aan zonder dezelfde taak te zijn.

Je typesnelheid testen met duidelijke voorwaarden

Open de Nederlandse typetest als je een afzonderlijke meting wilt. Kies tijd, woordenaantal of eigen tekst en lees WPM samen met ruwe snelheid en nauwkeurigheid. Houd taal, invoer, apparaat, modus, duur en moeilijkheid gelijk wanneer je pogingen wilt vergelijken.

Als je tussen twee pogingen de invoer of het materiaal verandert, neem dat mee in je interpretatie. Een ander resultaat beschrijft dan een andere taak. Gebruik de meting om een volgende oefenkeuze te maken: terug naar een toetspositie, doorgaan met zinnen of opnieuw meten onder duidelijk gekozen voorwaarden.

Veelgestelde vragen

Welke les kies ik als ik net begin?

Kies de eerste les in het lespad en lees de huidige aanwijzingen. Heb je eerder geleerd, gebruik dan het voorgestelde vervolg. De keuze gebruikt de vastgelegde volgende les, een lopende les of de eerste onafgemaakte les. Je kunt een onzekere beweging opnieuw bekijken voordat je verdergaat.

Moet ik na een pauze opnieuw beginnen?

Open eerst de voorgestelde les en controleer de opdracht; je hoeft niet bij iedere terugkeer het hele pad opnieuw te doen. Als je een positie niet meer herkent, bekijk je de passende aanwijzing. Je plaats in het pad en je zekerheid over een beweging zijn verschillende vragen.

Welke invoer controleer ik voor de Nederlandse lessen?

Controleer QWERTY International en vergelijk de gemaakte letters met de opdracht. Bij accenten kunnen meerdere invoerhandelingen één letter maken. Kijk naar de uiteindelijke tekst, niet alleen naar het aantal ingedrukte toetsen. Een onverwacht teken is aanleiding om de actieve instelling en de gelezen letter te bekijken.

Bepaalt mijn WPM de sterren van een les?

Nee, lessen hebben hun eigen beoordeling en sterregels. De WPM-berekening uit Tests is geen algemene formule voor lessen. Lees het lesresultaat zelf en kies een vervolg bij de beweging die je oefende. Een aparte test lees je met de voorwaarden van die test.

Kies ik na een les oefenen of testen?

Kies zinoefeningen om een beweging in tekst toe te passen en Tests voor een afzonderlijke meting. Heb je nog uitleg nodig over de toets, keer dan terug naar de les. Leren, toepassen en meten zijn verschillende taken; kies de taak die je huidige vraag beantwoordt.